Alzheimer diagnose bij dagbesteding de Buitenhof Tilburg

Ziektebeeld
De Alzheimer diagnose wordt door een arts, bijvoorbeeld een neuroloog of geriater, of door een (neuro)psycholoog vastgesteld door middel van anamnese en onderzoek. Een veel gebruikt screeningsinstrument is de Mini-mental state examination. Verder wordt een uitgebreide medische anamnese opgenomen en gesprekken met de familie gevoerd. De ziekte wordt gekenmerkt door een voortschrijdende achteruitgang van de cognitieve functies.
De ziekte begint met geheugenstoornissen. In het begin is vooral de inprenting gestoord, waardoor nieuwe informatie niet meer wordt opgeslagen. De patiënt vraagt bijvoorbeeld meerdere malen per dag hetzelfde en vergeet afspraken. Informatie die in het verleden is opgeslagen, zoals herinneringen aan vroeger, is nog wel beschikbaar. Als de ziekte voortschrijdt, ontstaan ook stoornissen in het langetermijngeheugen. Verder ontstaan vroeg in de ziekte taalstoornissen, zoals woordvindstoornissen, stoornissen in taalbegrip en afgenomen woordproductie. Deze ontwikkelt zich tot afasie. Daarnaast ontstaan visueel-ruimtelijke stoornissen, waardoor patiënten bijvoorbeeld verdwalen in een bekende omgeving. In een later stadium ontstaat een apraxie, waardoor een patiënt allerlei vertrouwde handelingen niet meer kan verrichten, zoals aan- en uitkleden en zichzelf verzorgen. Geleidelijk ontstaat ook apathie: de patiënt trekt zich terug, wordt onverschilliger, verliest zijn interesse in de omgeving, zijn initiatief neemt af en hij besteedt minder aandacht aan zelfverzorging. Bij een groot percentage patiënten komen stemmingsveranderingen voor, zoals depressie. Acute verslechteringen kunnen optreden bij infectie, medicijnvergiftiging, ziekenhuisopname en plotselinge grote veranderingen, zoals een verhuizing. Bekend is de delier (bewustzijnsdaling veroorzaakt door een organisch defect) bij infectie en ziekenhuisopnames. Het langzame degeneratieve beloop leidt tot achteruitgang van alle functies, uiteindelijk leidend tot een volledige afhankelijkheid van dagelijkse verzorging. De gemiddelde ziekteduur is acht jaar. De ontwikkeling van de ziekte kan versterkt worden door vereenzaming. De psychische functies worden dan minder gebruikt, waardoor de kwaliteit achteruit kan gaan. Geestelijk in beweging blijven stimuleert de hersencellen waardoor de ziekte mogelijk minder snel optreedt.

Enkele eenvoudige tekenen van cognitieve achteruitgang die bij de ziekte vaak voorkomen, zijn:
• het steeds stellen van dezelfde vragen;
• hetzelfde verhaal woord voor woord herhalen;
• eenvoudige taken, die men vroeger gemakkelijk aankon, niet meer kunnen uitvoeren, zoals koken, kaartspelen, dingen repareren, etc.;
• problemen met betalen van rekeningen of bijhouden van de administratie (terwijl men dat vroeger wel kon);
• in een bekende omgeving de weg kwijtraken, of gedesoriënteerd raken;
• de persoonlijke hygiëne verwaarlozen, zoals aantrekken van schone kleren, douchen;
• beslissingen die men vroeger zelf nam aan anderen overlaten, bijvoorbeeld wat er in de supermarkt gekocht moet worden, of waarheen men nu moet gaan.
Noot: geen van de tekenen zijn op zich, of zelfs in combinatie met andere tekenen, geven een zekere indicatie van de ziekte. Wel is het verstandig bij het optreden van meerdere tekenen van abnormaal gedrag, een arts of specialist te raadplegen om te vragen naar een eventuele Alzheimer diagnose.

Klik hier voor meer informatie over de oorzaak van Alzheimer.